Jan
July 9th, 2004, 12:39 PM
Het had van mij wel een andere kop mogen wezen, maar goed...
Bron: Rotterdams Dagblad (http://www.rd.nl), vrijdag 9 Juli 2004
Liever de mooiste dan de hoogste
Functioneren van de stad staat weer centraal
Door Yvonne Keunen
Rotterdam - De tijd dat Rotterdam zijn open oorlogswonden moest volbouwen is voorbij. Het functioneren van de stad staat weer centraal. En daarom moet met nieuw perspectief worden gekeken naar nieuwe gebouwen. Dus ook naar hoogbouw. Want de hoogste is niet per definitie ook de mooiste. Een opvallend uitgangspunt in Hoog boven Rotterdam, het onlangs verschenen vijfde deel van een serie magazines in boekvorm over de hemeljeuk van de Maasstad.
Economisch noodzakelijk voor Rotterdam zijn wolkenkrabbers niet, stelt voorzitter Jan Klerks van de Stichting Wolkenkrabbers Rotterdam - opdrachtgever van het magazine - in zijn voorwoord. ,,De belangrijkste reden waarom Rotterdam hemeljeuk heeft, is omdat ze er graag uit wil zien als een knappe, moderne metropool.'' En geef Rotterdam eens ongelijk.
Maar dat betekent nog niet dat de torens maar onbeperkt uit de grond moeten schieten. Vandaar dat Rotterdam een speciaal Hoogbouwteam in het leven riep, als apart onderdeel van de commissie voor Welstand en Monumenten. Maar wie denkt dat het team - dat inmiddels ruim een jaar functioneert - zoveel mogelijk hoogbouw nastreeft, komt bedrogen uit.
Leefbaar
Want het team is niet geïnfecteerd met de heimelijke wens om steeds hoger te bouwen, stelt Martin Aarts, stedenbouwkundige van de gemeentelijke dienst Stedenbouw en Volkshuisvesting. ,,Duidelijk is dat het Hoogbouwteam werkt vanuit de opvatting dat hoogbouw niet alleen de skyline van de stad ten goede moet komen, maar dat aan hoogbouw meer eisen moeten worden gesteld.'' Dus gaan de discussies binnen het Hoogbouwteam maar voor een klein deel over de hoogte van gebouwen en vooral over de omgeving en de te bereiken stedelijkheid. Met andere woorden: hoe hou je het leefbaar op straatniveau? Welke publieksvoorziening komt op de begane grond van een toren? En welke ondergrondse parkeersystemen zijn mogelijk? ,,Om zo van al die nieuwe in- en uitritten verlost te raken en ruimte te creëren voor winkels en horeca,'' aldus Aarts.
Bovendien wordt architecten de opdracht gegeven om gebouwen zodanig te ontwerpen dat de wind voortijdig wordt opgevangen zodat die niet op straat terecht komt. Want, schrijft Aarts: ,,Wolkenkrabbers zorgen eerder voor winderhinder, dan beschutting. Het World Port Center op de Kop van Zuid, pal naast Hotel New York, is een goed voorbeeld van hoogbouw waarbij wel rekening is gehouden met de wind: de brede luifel onderaan zorgt ervoor dat mensen op straat niet wegwaaien.
Hoewel het deze kritiekpunten zijn die in het oog springen, ademt het boek 'Hoog boven Rotterdam' vooral veel enthousiasme voor hoogbouw in Rotterdam. Freelance journalist Edo Beerda steekt niet onder stoelen of banken onder de indruk te zijn van de Wijnhaven, waar druk wordt geëxperimenteerd met woontorens om zo de binnenstad te verdichten en een wijk die 's avonds is uitgestorven, opnieuw levendig te maken.
Freelance journalist Ben Maandag zet zijn fascinatie voor hoogbouw vooral om in interviews met architecten en hoogbouwbewoners. Al is het zijn ronduit lyrische beschrijving van het uitzicht vanuit een 'wolkenwoning' in de Hoge Heren, die de meeste indruk maakt. Maandag kan er geen genoeg van krijgen: ,,Het is verbijsterend en het verveelt nooit.''
Al grijpt ook Maandag het boek aan voor een oproep: zet die wolkenkrabbers beter in het licht. Want: ,,Licht geeft architectuur zijn glans en betekenis. Zonder licht zou elk gebouw, hoe goed en fraai ook vormgegeven, volstrekt onopgemerkt blijven.'' Maandag constateert dat de belichting van hoogbouw in Rotterdam nog in de kinderschoenen staat. Er is de Erasmusbrug die tot middernacht toont als een indrukwekkende kathedraal van licht. En er is de KPN-toren op de Kop van Zuid, die voorzien is van een gevelvullende lichtwand waarop groen oplichtende figuren te zien zijn.
Maar het mag wat Maandag betreft best een onsje meer. ,,Mischien kan er over de verlichting van hoogbouw toch tenminste eens worden nagedacht. Al was het maar ter verkrijging van een skyline die ook in het donker het aanzien waard blijft.''
Hoog boven Rotterdam. Spectaculair wonen, deel 5 van het magazine De Slanke Stad, is een uitgave van de Stichting Wolkenkrabbers Rotterdam. ISBN 90.804270-5-5, €4,95
---
Correctie: €9. Ook een weggeefprijs trouwens. :)
Bron: Rotterdams Dagblad (http://www.rd.nl), vrijdag 9 Juli 2004
Liever de mooiste dan de hoogste
Functioneren van de stad staat weer centraal
Door Yvonne Keunen
Rotterdam - De tijd dat Rotterdam zijn open oorlogswonden moest volbouwen is voorbij. Het functioneren van de stad staat weer centraal. En daarom moet met nieuw perspectief worden gekeken naar nieuwe gebouwen. Dus ook naar hoogbouw. Want de hoogste is niet per definitie ook de mooiste. Een opvallend uitgangspunt in Hoog boven Rotterdam, het onlangs verschenen vijfde deel van een serie magazines in boekvorm over de hemeljeuk van de Maasstad.
Economisch noodzakelijk voor Rotterdam zijn wolkenkrabbers niet, stelt voorzitter Jan Klerks van de Stichting Wolkenkrabbers Rotterdam - opdrachtgever van het magazine - in zijn voorwoord. ,,De belangrijkste reden waarom Rotterdam hemeljeuk heeft, is omdat ze er graag uit wil zien als een knappe, moderne metropool.'' En geef Rotterdam eens ongelijk.
Maar dat betekent nog niet dat de torens maar onbeperkt uit de grond moeten schieten. Vandaar dat Rotterdam een speciaal Hoogbouwteam in het leven riep, als apart onderdeel van de commissie voor Welstand en Monumenten. Maar wie denkt dat het team - dat inmiddels ruim een jaar functioneert - zoveel mogelijk hoogbouw nastreeft, komt bedrogen uit.
Leefbaar
Want het team is niet geïnfecteerd met de heimelijke wens om steeds hoger te bouwen, stelt Martin Aarts, stedenbouwkundige van de gemeentelijke dienst Stedenbouw en Volkshuisvesting. ,,Duidelijk is dat het Hoogbouwteam werkt vanuit de opvatting dat hoogbouw niet alleen de skyline van de stad ten goede moet komen, maar dat aan hoogbouw meer eisen moeten worden gesteld.'' Dus gaan de discussies binnen het Hoogbouwteam maar voor een klein deel over de hoogte van gebouwen en vooral over de omgeving en de te bereiken stedelijkheid. Met andere woorden: hoe hou je het leefbaar op straatniveau? Welke publieksvoorziening komt op de begane grond van een toren? En welke ondergrondse parkeersystemen zijn mogelijk? ,,Om zo van al die nieuwe in- en uitritten verlost te raken en ruimte te creëren voor winkels en horeca,'' aldus Aarts.
Bovendien wordt architecten de opdracht gegeven om gebouwen zodanig te ontwerpen dat de wind voortijdig wordt opgevangen zodat die niet op straat terecht komt. Want, schrijft Aarts: ,,Wolkenkrabbers zorgen eerder voor winderhinder, dan beschutting. Het World Port Center op de Kop van Zuid, pal naast Hotel New York, is een goed voorbeeld van hoogbouw waarbij wel rekening is gehouden met de wind: de brede luifel onderaan zorgt ervoor dat mensen op straat niet wegwaaien.
Hoewel het deze kritiekpunten zijn die in het oog springen, ademt het boek 'Hoog boven Rotterdam' vooral veel enthousiasme voor hoogbouw in Rotterdam. Freelance journalist Edo Beerda steekt niet onder stoelen of banken onder de indruk te zijn van de Wijnhaven, waar druk wordt geëxperimenteerd met woontorens om zo de binnenstad te verdichten en een wijk die 's avonds is uitgestorven, opnieuw levendig te maken.
Freelance journalist Ben Maandag zet zijn fascinatie voor hoogbouw vooral om in interviews met architecten en hoogbouwbewoners. Al is het zijn ronduit lyrische beschrijving van het uitzicht vanuit een 'wolkenwoning' in de Hoge Heren, die de meeste indruk maakt. Maandag kan er geen genoeg van krijgen: ,,Het is verbijsterend en het verveelt nooit.''
Al grijpt ook Maandag het boek aan voor een oproep: zet die wolkenkrabbers beter in het licht. Want: ,,Licht geeft architectuur zijn glans en betekenis. Zonder licht zou elk gebouw, hoe goed en fraai ook vormgegeven, volstrekt onopgemerkt blijven.'' Maandag constateert dat de belichting van hoogbouw in Rotterdam nog in de kinderschoenen staat. Er is de Erasmusbrug die tot middernacht toont als een indrukwekkende kathedraal van licht. En er is de KPN-toren op de Kop van Zuid, die voorzien is van een gevelvullende lichtwand waarop groen oplichtende figuren te zien zijn.
Maar het mag wat Maandag betreft best een onsje meer. ,,Mischien kan er over de verlichting van hoogbouw toch tenminste eens worden nagedacht. Al was het maar ter verkrijging van een skyline die ook in het donker het aanzien waard blijft.''
Hoog boven Rotterdam. Spectaculair wonen, deel 5 van het magazine De Slanke Stad, is een uitgave van de Stichting Wolkenkrabbers Rotterdam. ISBN 90.804270-5-5, €4,95
---
Correctie: €9. Ook een weggeefprijs trouwens. :)