Marcellus Bastardus
March 10th, 2005, 09:49 AM
bron: Trouw 10-03-05
De wereld verstedelijkt en hoe anders ook dan Tokio, São Paulo of New York, Nederland doet mee. Op een unieke manier. ,,Onze Randstad, daar zijn ze in de hele wereld jaloers op.''
Nederland heeft geen echte steden? Ach kom. Kijk naar de Randstad, met 6,5 miljoen inwoners een pracht van een megastad. We hebben 'm alleen goed verstopt tussen de weilanden.
De halve wereld woont in een stad, zeiden onlangs demografen van de Verenigde Naties in New York. Het aantal stedelingen gaat wereldwijd verder omhoog naar meer dan zestig procent in 2030. Nederland blaast zijn partijtje mee in die trend. Volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek woonde in 1999 40,7 procent van de Nederlanders in of rond de steden. In 2004 was dat alweer een procentje meer.
Maar waar wereldwijd de 'mega cities' met meer dan tien miljoen inwoners als paddestoelen uit de grond schieten, pakt Nederland het aanmerkelijk kleinschaliger aan. Amsterdam is koploper met een luttele 735000 inwoners. Een kwartiertje fietsen vanuit willekeurig welk stadshart en de stedeling rolt door het vlakke land. Wolkenkrabbers hebben we niet, hooguit hier en daar een speldenprikje aan de horizon.
,,Uniek, prachtig'', zo roemt architect en hoogleraar mobiliteitsesthetiek Francine Houben het westen des lands. São Paulo, Tokio, New York: ze kent de steden allemaal. ,,Ik heb veel gereisd en internationaal onderzoek gedaan. En ik ben steeds meer de schoonheid van onze Randstad gaan zien. Je kunt op allerlei manieren reizen: met de fiets, de auto, het openbaar vervoer. Dat kan in bijna geen enkele metropool. Mensen werken in de ene stad en wonen in de andere, zodat ze dagelijks door het landschap rijden. Daardoor is het echt onderdeel van hun leven.'' Des te erger vindt ze het dat Nederland zijn platteland zo laat verrommelen met bedrijventerreinen en geluidsschermen.
Onze Randstad, daar zijn ze in de hele wereld jaloers op, bevestigt architect Jan Hoogstad, oprichter van de Nederlandse stichting Megacities. ,,Grote steden hebben vaak een klein centrum waar het leven zich afspeelt, met daar omheen gigantische sloppenwijken. Dat soort misstanden kennen wij niet, en dat in zo'n dichtbevolkt land. En we hebben niet één, maar verschillende stadscentra met hele verschillende karakters: de banken en de handel in Amsterdam, de politiek in Den Haag, Rotterdam met zijn havens en doorvoer van goederen.''
Ook architect Donald van Dansik vindt dat we ons in de handen mogen wrijven met onze Randstad. Hij is betrokken bij de Vereniging Deltametropool, een samenwerkingsverband van de vier grote steden, drie provincies, werkgevers, waterschappen en corporaties. Deze vereniging wil de dorpen en steden in de Randstad, in de delta van Rijn en Maas, samensmeden tot een ware metropool van internationale klasse.
,,Dat betekent niet dat we het gebied willen volplempen, en zeker niet met hoge flatgebouwen'', benadrukt Van Dansik. Dat is volgens hem helemaal geen vereiste voor grootsteedse allure. Zie Londen en Parijs: niet erg hoog, wel wereldsteden. Wat hij wel wil, is betere verbindingen. Want als we elke dag in de file staan of lang op de trein wachten, dan wordt het nooit wat met de bundeling van krachten in de Randstad op het gebied van economie, cultuur en onderwijs.
En als we het verder liefst een beetje laag en een beetje groen willen houden, wat dan nog? ,,Dat streven naar dorpsheid moeten we niet willen uitroeien. Dat is helemaal geen slechte neiging'', vindt architect Hoogstad. Al mag het van hem hier en daar best iets meeslepender, met mooie hoge gebouwen in de steden.
,,Dat gebeurt ook wel. Rotterdam was in de jaren zeventig te weinig dichtbebouwd. Dan krijg je een tochtige stad waar je 's avonds op straat een kanon kunt afschieten. Die stad moest omhoog, en dat lukt aardig.''
Je ziet aan steden waarop ze gebouwd zijn, zegt Houben. De wolkenkrabbers van New York rusten op de rotsen, de lage Nederlandse steden staan met hun voeten in het drassige veen. Neemt niet weg dat hier en daar iets hoogs best mooi is. Niet lukraak -in het platte Nederland drukt hoogbouw zijn stempel op de wijde omgeving. Maar in groepjes bij elkaar, zoals in Amsterdam bij de Rembrandttoren en aan de Zuidas: fantastisch. ,,En in Nederland horen de hoogste gebouwen gewoon in Rotterdam te staan. Ik bouw daar momenteel Montevideo, met 152,5 meter het allerhoogste. Daar ben ik best een beetje trots op.''
Margit Kranenburg: Tokio - 35,5 miljoen
Niet alleen is 'groot Tokio' met 35,5 miljoen inwoners de grootste stad ter wereld, de Japanse metropool kreeg van een internationale verzekeringsmaatschappij ook het etiket 'kwetsbaarste stedelijk gebied bij rampen'. De dichtbevolkte stad ligt in een extreem aardbevingsgevoelig gebied en werd in 1923 al eens grotendeels verwoest.
Het predikaat 'grootste stad' draagt Tokio al sinds het begin van de 18de eeuw, toen er 1,1 miljoen mensen woonden. Daaruit blijkt dat de Japanners al voor de industrialisatie een enorme concentratie van mensen konden bevoorraden en voeden.
Edo, zoals Tokio vroeger heette, werd gesticht toen een feodale landheer in 1457 zijn kasteel bouwde bij een vissersdorpje in een vruchtbare vlakte aan een baai. Vanaf 1603 trok de stad als bestuurlijk centrum steeds meer inwoners.
In de loop der eeuwen absorbeerde Tokio bij zijn groei talloze steden en dorpen in de omgeving. Die oude plaatsen fungeren nog steeds als soort subcentra. De metropool Tokio is dan ook officieel een soort provincie die bestaat uit onder meer 23 gemeenten.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd het grootste deel van de stad platgebombardeerd, maar dankzij het naoorlogse economische hoogtij groeide Tokio explosief. Bijzonder is de uitgestrekte laagbouw en de rommelige indruk die de stad planologisch maakt.
Onder meer door een sterke positie van landeigenaren zijn er nauwelijks aangelegde woonwijken met huizen in dezelfde stijl. Ook is er nauwelijks groen, waardoor de hitte 's zomers ondraaglijk kan aanvoelen. Pas de laatste jaren verrijzen in het centrum de wolkenkrabbers die Tokio het aanzien geven van een moderne wereldstad.
Frank Kools: New York dijt uit naar het noorden
Putman County ligt 250 kilometer ten noorden van Times Square, het eeuwig drukke plein in het hart van Manhattan, New York City.
Toch komt ook de groene streek in de Hudsonvallei langzaam in de greep van het stadsgedruis. Putnam is op weg een outer suburb te worden, zeg maar een buitenwijk voorbij de buitenwijk.
De bevolking nam er volgens de laatste tienjaarlijkse volkstelling met 13,1 procent toe. Putman lijkt de nieuwe grensstreek van de al maar uitdijende metropool, nu de rek eruit is bij de traditionele overloopgebieden van New York City. Zo groeide op Long Island, dat in de jaren zestig en zeventig één grote buitenwijk werd, de bevolking met maar drie procent. Precies het gemiddelde van de hele staat New York.
New York groeit niet alleen naar buiten. Ook binnenin gaat de verstedelijking door. Het snelst in Staten Island, een van de vijf stadsdelen van New York, blijkt uit de cijfers over de afgelopen tien jaar.
Pas 41 jaar geleden kregen auto's er direct toegang via een grote hangbrug. Daarvoor was iedereen afhankelijk van de veerboot. Het zuiden van Staten Island had tot voor kort nog een wat landelijk karakter, maar wordt nu in rap tempo volgebouwd.
Tegelijkertijd breidt de kantorenbouw van Wall Street zich uit. Ze stroomt van de zuidelijke punt van Manhattan -waar ook de Beurs van Wall Street ligt- over naar andere oevers. Over de East Rivier rijst Wall Streets hoogbouw nu op in Brooklyn en naar het westen, over de Hudson, in New Jersey. New York City telt nu 8,1 miljoen inwoners.
Stijntje Blankendaal: São Paulo sluit zijn armen buiten
Wie aanvliegt op São Paulo ziet één grote grijze vlek onder zich: 1700 vierkante kilometer beton, zes miljoen auto's, 48000 gebouwen van meer dan twaalf verdiepingen -en sloppenwijken. Deze vierde metropool ter wereld, na Tokio, Mexico-Stad en Mumbay (sinds drie jaar de nieuwe naam van het Indiase Bombay, red.) vernielt en vernieuwt in een moordend tempo.
Het is bijna onmogelijk voor te stellen dat São Paulo, dat vorig jaar zijn 450-jarig bestaan vierde, tot de jaren zeventig van de 19de eeuw een provinciestadje was met 20000 inwoners, met beken en kreken en uitgestrekte landgoederen.
De groei kwam met de eerste grote immigratiegolf vanuit Europa rond 1880. Met name van Italianen, die zich in het zuiden vestigden en de textiel- en voedingsindustrie opzetten. Daarmee begon in São Paulo de industriële ontwikkeling, die steeds meer immigranten aantrok, van binnen en buiten Brazilië.
In 1930 had São Paulo al één miljoen inwoners en in de jaren vijftig volgde opnieuw een spectaculaire groei, met de immigratiestroom van Europeanen na de Tweede Wereldoorlog. Er wonen in São Paulo ondertussen meer nakomelingen van Italianen dan Italianen in Rome. En nergens buiten Japan wonen zoveel Japanners. Het inwonertal van de gemeente São Paulo is meer dan 10 miljoen; de metropool heeft 15 miljoen inwoners.
De groei heeft vanaf het begin af aan een enorme grondspeculatie met zich meegebracht: onroerend-goedhandelaars kochten eind negentiende eeuw de landgoederen op, in afwachting van de stadsuitbreidingen. Het centrum werd al snel te krap: er moest de hoogte in gebouwd worden. De beroemde villa's van de Avenida Paulista verdwenen in ruil voor hightech wolkenkrabbers voor het zakenleven en de bankiers. Alles is of wordt vernieuwd: iedere 20 uur wordt er een nieuw gebouw afgeleverd.
In deze stad, met de hoogste dichtheid helikopterlandingsplaatsen ter wereld en 700000 bars en restaurants, doet zich een scherpe tweedeling voor. 'De wrede stad', noemt stedenbouwkundige Raquel Rolnik São Paulo dan ook: ,,Het is een 'uitsluitingsmachine'. São Paulo gooit zijn armen naar buiten.''
Klopt. Binnen het centrale deel van de stad zie je weinig van de armoede, die in werkelijkheid de meerderheid van de bevolking treft. Een miljoen mensen leeft in sloppen, vele anderen in zelfgebouwde huisjes in de eindeloze periferieën.
De wereld verstedelijkt en hoe anders ook dan Tokio, São Paulo of New York, Nederland doet mee. Op een unieke manier. ,,Onze Randstad, daar zijn ze in de hele wereld jaloers op.''
Nederland heeft geen echte steden? Ach kom. Kijk naar de Randstad, met 6,5 miljoen inwoners een pracht van een megastad. We hebben 'm alleen goed verstopt tussen de weilanden.
De halve wereld woont in een stad, zeiden onlangs demografen van de Verenigde Naties in New York. Het aantal stedelingen gaat wereldwijd verder omhoog naar meer dan zestig procent in 2030. Nederland blaast zijn partijtje mee in die trend. Volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek woonde in 1999 40,7 procent van de Nederlanders in of rond de steden. In 2004 was dat alweer een procentje meer.
Maar waar wereldwijd de 'mega cities' met meer dan tien miljoen inwoners als paddestoelen uit de grond schieten, pakt Nederland het aanmerkelijk kleinschaliger aan. Amsterdam is koploper met een luttele 735000 inwoners. Een kwartiertje fietsen vanuit willekeurig welk stadshart en de stedeling rolt door het vlakke land. Wolkenkrabbers hebben we niet, hooguit hier en daar een speldenprikje aan de horizon.
,,Uniek, prachtig'', zo roemt architect en hoogleraar mobiliteitsesthetiek Francine Houben het westen des lands. São Paulo, Tokio, New York: ze kent de steden allemaal. ,,Ik heb veel gereisd en internationaal onderzoek gedaan. En ik ben steeds meer de schoonheid van onze Randstad gaan zien. Je kunt op allerlei manieren reizen: met de fiets, de auto, het openbaar vervoer. Dat kan in bijna geen enkele metropool. Mensen werken in de ene stad en wonen in de andere, zodat ze dagelijks door het landschap rijden. Daardoor is het echt onderdeel van hun leven.'' Des te erger vindt ze het dat Nederland zijn platteland zo laat verrommelen met bedrijventerreinen en geluidsschermen.
Onze Randstad, daar zijn ze in de hele wereld jaloers op, bevestigt architect Jan Hoogstad, oprichter van de Nederlandse stichting Megacities. ,,Grote steden hebben vaak een klein centrum waar het leven zich afspeelt, met daar omheen gigantische sloppenwijken. Dat soort misstanden kennen wij niet, en dat in zo'n dichtbevolkt land. En we hebben niet één, maar verschillende stadscentra met hele verschillende karakters: de banken en de handel in Amsterdam, de politiek in Den Haag, Rotterdam met zijn havens en doorvoer van goederen.''
Ook architect Donald van Dansik vindt dat we ons in de handen mogen wrijven met onze Randstad. Hij is betrokken bij de Vereniging Deltametropool, een samenwerkingsverband van de vier grote steden, drie provincies, werkgevers, waterschappen en corporaties. Deze vereniging wil de dorpen en steden in de Randstad, in de delta van Rijn en Maas, samensmeden tot een ware metropool van internationale klasse.
,,Dat betekent niet dat we het gebied willen volplempen, en zeker niet met hoge flatgebouwen'', benadrukt Van Dansik. Dat is volgens hem helemaal geen vereiste voor grootsteedse allure. Zie Londen en Parijs: niet erg hoog, wel wereldsteden. Wat hij wel wil, is betere verbindingen. Want als we elke dag in de file staan of lang op de trein wachten, dan wordt het nooit wat met de bundeling van krachten in de Randstad op het gebied van economie, cultuur en onderwijs.
En als we het verder liefst een beetje laag en een beetje groen willen houden, wat dan nog? ,,Dat streven naar dorpsheid moeten we niet willen uitroeien. Dat is helemaal geen slechte neiging'', vindt architect Hoogstad. Al mag het van hem hier en daar best iets meeslepender, met mooie hoge gebouwen in de steden.
,,Dat gebeurt ook wel. Rotterdam was in de jaren zeventig te weinig dichtbebouwd. Dan krijg je een tochtige stad waar je 's avonds op straat een kanon kunt afschieten. Die stad moest omhoog, en dat lukt aardig.''
Je ziet aan steden waarop ze gebouwd zijn, zegt Houben. De wolkenkrabbers van New York rusten op de rotsen, de lage Nederlandse steden staan met hun voeten in het drassige veen. Neemt niet weg dat hier en daar iets hoogs best mooi is. Niet lukraak -in het platte Nederland drukt hoogbouw zijn stempel op de wijde omgeving. Maar in groepjes bij elkaar, zoals in Amsterdam bij de Rembrandttoren en aan de Zuidas: fantastisch. ,,En in Nederland horen de hoogste gebouwen gewoon in Rotterdam te staan. Ik bouw daar momenteel Montevideo, met 152,5 meter het allerhoogste. Daar ben ik best een beetje trots op.''
Margit Kranenburg: Tokio - 35,5 miljoen
Niet alleen is 'groot Tokio' met 35,5 miljoen inwoners de grootste stad ter wereld, de Japanse metropool kreeg van een internationale verzekeringsmaatschappij ook het etiket 'kwetsbaarste stedelijk gebied bij rampen'. De dichtbevolkte stad ligt in een extreem aardbevingsgevoelig gebied en werd in 1923 al eens grotendeels verwoest.
Het predikaat 'grootste stad' draagt Tokio al sinds het begin van de 18de eeuw, toen er 1,1 miljoen mensen woonden. Daaruit blijkt dat de Japanners al voor de industrialisatie een enorme concentratie van mensen konden bevoorraden en voeden.
Edo, zoals Tokio vroeger heette, werd gesticht toen een feodale landheer in 1457 zijn kasteel bouwde bij een vissersdorpje in een vruchtbare vlakte aan een baai. Vanaf 1603 trok de stad als bestuurlijk centrum steeds meer inwoners.
In de loop der eeuwen absorbeerde Tokio bij zijn groei talloze steden en dorpen in de omgeving. Die oude plaatsen fungeren nog steeds als soort subcentra. De metropool Tokio is dan ook officieel een soort provincie die bestaat uit onder meer 23 gemeenten.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd het grootste deel van de stad platgebombardeerd, maar dankzij het naoorlogse economische hoogtij groeide Tokio explosief. Bijzonder is de uitgestrekte laagbouw en de rommelige indruk die de stad planologisch maakt.
Onder meer door een sterke positie van landeigenaren zijn er nauwelijks aangelegde woonwijken met huizen in dezelfde stijl. Ook is er nauwelijks groen, waardoor de hitte 's zomers ondraaglijk kan aanvoelen. Pas de laatste jaren verrijzen in het centrum de wolkenkrabbers die Tokio het aanzien geven van een moderne wereldstad.
Frank Kools: New York dijt uit naar het noorden
Putman County ligt 250 kilometer ten noorden van Times Square, het eeuwig drukke plein in het hart van Manhattan, New York City.
Toch komt ook de groene streek in de Hudsonvallei langzaam in de greep van het stadsgedruis. Putnam is op weg een outer suburb te worden, zeg maar een buitenwijk voorbij de buitenwijk.
De bevolking nam er volgens de laatste tienjaarlijkse volkstelling met 13,1 procent toe. Putman lijkt de nieuwe grensstreek van de al maar uitdijende metropool, nu de rek eruit is bij de traditionele overloopgebieden van New York City. Zo groeide op Long Island, dat in de jaren zestig en zeventig één grote buitenwijk werd, de bevolking met maar drie procent. Precies het gemiddelde van de hele staat New York.
New York groeit niet alleen naar buiten. Ook binnenin gaat de verstedelijking door. Het snelst in Staten Island, een van de vijf stadsdelen van New York, blijkt uit de cijfers over de afgelopen tien jaar.
Pas 41 jaar geleden kregen auto's er direct toegang via een grote hangbrug. Daarvoor was iedereen afhankelijk van de veerboot. Het zuiden van Staten Island had tot voor kort nog een wat landelijk karakter, maar wordt nu in rap tempo volgebouwd.
Tegelijkertijd breidt de kantorenbouw van Wall Street zich uit. Ze stroomt van de zuidelijke punt van Manhattan -waar ook de Beurs van Wall Street ligt- over naar andere oevers. Over de East Rivier rijst Wall Streets hoogbouw nu op in Brooklyn en naar het westen, over de Hudson, in New Jersey. New York City telt nu 8,1 miljoen inwoners.
Stijntje Blankendaal: São Paulo sluit zijn armen buiten
Wie aanvliegt op São Paulo ziet één grote grijze vlek onder zich: 1700 vierkante kilometer beton, zes miljoen auto's, 48000 gebouwen van meer dan twaalf verdiepingen -en sloppenwijken. Deze vierde metropool ter wereld, na Tokio, Mexico-Stad en Mumbay (sinds drie jaar de nieuwe naam van het Indiase Bombay, red.) vernielt en vernieuwt in een moordend tempo.
Het is bijna onmogelijk voor te stellen dat São Paulo, dat vorig jaar zijn 450-jarig bestaan vierde, tot de jaren zeventig van de 19de eeuw een provinciestadje was met 20000 inwoners, met beken en kreken en uitgestrekte landgoederen.
De groei kwam met de eerste grote immigratiegolf vanuit Europa rond 1880. Met name van Italianen, die zich in het zuiden vestigden en de textiel- en voedingsindustrie opzetten. Daarmee begon in São Paulo de industriële ontwikkeling, die steeds meer immigranten aantrok, van binnen en buiten Brazilië.
In 1930 had São Paulo al één miljoen inwoners en in de jaren vijftig volgde opnieuw een spectaculaire groei, met de immigratiestroom van Europeanen na de Tweede Wereldoorlog. Er wonen in São Paulo ondertussen meer nakomelingen van Italianen dan Italianen in Rome. En nergens buiten Japan wonen zoveel Japanners. Het inwonertal van de gemeente São Paulo is meer dan 10 miljoen; de metropool heeft 15 miljoen inwoners.
De groei heeft vanaf het begin af aan een enorme grondspeculatie met zich meegebracht: onroerend-goedhandelaars kochten eind negentiende eeuw de landgoederen op, in afwachting van de stadsuitbreidingen. Het centrum werd al snel te krap: er moest de hoogte in gebouwd worden. De beroemde villa's van de Avenida Paulista verdwenen in ruil voor hightech wolkenkrabbers voor het zakenleven en de bankiers. Alles is of wordt vernieuwd: iedere 20 uur wordt er een nieuw gebouw afgeleverd.
In deze stad, met de hoogste dichtheid helikopterlandingsplaatsen ter wereld en 700000 bars en restaurants, doet zich een scherpe tweedeling voor. 'De wrede stad', noemt stedenbouwkundige Raquel Rolnik São Paulo dan ook: ,,Het is een 'uitsluitingsmachine'. São Paulo gooit zijn armen naar buiten.''
Klopt. Binnen het centrale deel van de stad zie je weinig van de armoede, die in werkelijkheid de meerderheid van de bevolking treft. Een miljoen mensen leeft in sloppen, vele anderen in zelfgebouwde huisjes in de eindeloze periferieën.