Blijdorp
December 3rd, 2007, 10:01 PM
1 december, 2007 - Als er meer hoger- opgeleiden in Rotterdam blijven, geven ze meer geld uit in de stad.
ANTOON OOSTING
NICO DE VRIES
ROTTERDAM
Rotterdam doet het beter dan Amsterdam, zeggen de jaarlijkse cijfers van de Rabobank. Hoe zit dat? Negen vragen aan onderzoeker Bert Sikken van de Rabobank en Rob Bitterlich van het Regionaal Platform Abeidsmarktbeleid Rijnmond.
1. Hoe valt het te verklaren dat Rotterdam en Rijnmond als een komeet omhoog zijn geschoten en Amsterdam achter zich hebben gelaten?
Sikken: „Rotterdam is niet als een komeet omhoog geschoten, maar heeft stap voor stap verbeteringen doorgevoerd. Het voert te ver te stellen dat Rotterdam nu Amsterdam achter zich heeft gelaten. De hogere Rotterdamse groeicijfers kunnen tijdelijk van aard zijn. Het is een momentopname. De afgelopen jaren is Amsterdam juist wat achtergebleven, vanwege de kwakkelende ontwikkelingen in de zakelijke dienstverlening. Terwijl Rotterdam juist profiteerde van haveneconomie en wereldhandel.''
2. Hoe stonden Rotterdam en Rijnmond er tien jaar geleden voor ten opzichte van Amsterdam?
Sikken: „ Amsterdam was destijds economisch booming, zoals de hele noordvleugel van de Randstad. Rotterdam en Den Haag bleven structureel in groei achter. Ook het negatieve imago van Rotterdam speelde de stad parten. Amsterdam en Utrecht ontwikkelden zich in de zakelijke dienstverlening, een groeisector. Rotterdam heeft inmiddels de inhaalslag gemaakt.''
3. Waarom groeit Rijnmond als regio harder dan Rotterdam?
Sikken: „In de regio is meer ruimte voor uitbreiding, dus groeit de bedrijvigheid daar sneller. Ook verruilen veel mensen met hogere inkomens de stad voor de regio. De welvaartsgroei slaat voor een deel neer in de randgemeenten. Daar worden, ondanks de nieuwe appartementen in hartje Rotterdam, de meeste nieuwe woningen gebouwd, groeit de bevolking sneller en dus ook de koopkracht.''
4. Is de stad in staat de regio in te halen?
Sikken: „Nee, dat niet. Rotterdam zal niet aantrekkelijk genoeg kunnen worden voor koopkrachtige huishoudens en de vraag is of die zich ook op Rotterdam zullen richten.''
5. Blijven Rotterdam en Rijnmond tot in de lengte der jaren koploper in de race met Amsterdam?
Sikken: „Nee. Wel plukt de Maasstad de vruchten van een vrijere en experimentelere ondernemersgeest op het gebied van alleen al wijkeconomie, horeca, cultuur, evenementen en toerisme. Hier lijkt meer te kunnen dan in Amsterdam. Dat imago bouwt de stad nu in elk geval op en dat kan economisch gezien positief uitwerken. Ook al zitten er natuurlijk ook nadelige neveneffecten aan, zoals de overlast die grote evenementen veroorzaken voor de binnenstadbewoners. Een ander punt is de positie van de haven in de wereld en Europa. Nu profiteert de haven al jaren van de sterke economische ontwikkeling in China en de groei van de wereldhandel. Zolang Rotterdam van die wereldhandel kan profiteren zijn de perspectieven voor de haven ronduit gunstig.''
6. Wat zijn de bedreigingen voor Rotterdam en Rijnmond?
Sikken: „Bereikbaarheid een belangrijk aandachtspunt. De Betuwelijn lost de bereikbaarheidsproblemen voor haven en stad natuurlijk niet op. En verder is de scheve verhouding tussen aanbod en vraag op de arbeidsmarkt bedreigend. Rotterdam kan niet de mensen leveren die het bedrijfslevenwil.''
7. Hoe komt het dat het werkeloosheid in Rotterdam nauwelijks meer afneemt?
Bitterlich: „Ten opzichte van de regio zitten in Rotterdam in de kaartenbakken van het CWI relatief veel laaggeschoolden en mensen die niet zwaar gemotiveerd zijn voor de arbeidsmarkt en vaak al langer werkloos zijn. Van de 36.749 (stand oktober 2007) werkzoekenden in Rotterdam zijn er maar 8210 korter dan een jaar werkloos. Door de steeds hogere kwaliteitseisen die worden gesteld, vraagt het bedrijfsleven vooral goedgeschoolde en hogeropgeleide medewerkers. Omdat die mensen eerder in de regio wonen dan in de stad, daalt de werkloosheid daar sneller dan in Rotterdam. Ten opzichte van de andere drie grote steden heeft Rotterdam ook de meeste forensen die hun geld in Rotterdam verdienen, maar hier niet uitgeven.''
8. Hoe kun je meer Rotterdammers laten profiteren van het vele geld dat hier wordt verdiend?
Bitterlich: „Door ervoor te zorgen dat Rotterdam een aantrekkelijker woonstad wordt voor hogeropgeleiden die ook na hun studie in de stad blijven wonen en niet bij het eerste kind naar de randgemeenten vluchten. Als er meer hogeropgeleiden in de stad blijven, geven ze meer geld uit in de stad. Dan gaan ze hier vaker uit eten, laten ze hier vaker hun kleren stomen, schakelen ze vaker een werkster in, waardoor ook meer lageropgeleiden hieraan kunnen verdienen. Nu is Rotterdam vooral een stad waar veel mensen werken, maar niet wonen. Amsterdam daarentegen is een aantrekkelijke woonstad voor veel hogeropgeleiden en dus wordt daar ook meer geld uitgegeven en brengt dit ook meer lager geschoold werk in de dienstverlening met zich mee.''
9. Zal Rotterdam eens een stad zonder werklozen worden?
Bitterlich: „Nee daarvoor zijn er toch te veel langdurig werklozen en bijstandsgerechtigden die moeilijk aan een baan te helpen zijn. De werkloosheid in Rotterdam is nu 13,6 procent van de beroepsbevolking tegenover 9,6 voor Amsterdam, 8,5 voor Den Haag en 6,5 voor Utrecht. De achterstand van Rotterdam is de afgelopen jaren wel kleiner geworden, maar zal nooit helemaal worden weggewerkt. Daarvoor zou een groot deel van de Rotterdamse bevolking beter moeten worden geschoold. Als het lukt het werkloosheidspercentage in Rotterdam in de buurt te krijgen van dat van Amsterdam (vier procent lager) dan is Rotterdam spekkoper, maar een daling van nog eens twee procent is realistischer.''
AD/Groene Hart
Ik vind het altijd jammer als er weer oude huizen en volkswijken worden gesloopt en worden vernvangen door dure appartementen, maar het is dus wel nodig zo blijkt.
ANTOON OOSTING
NICO DE VRIES
ROTTERDAM
Rotterdam doet het beter dan Amsterdam, zeggen de jaarlijkse cijfers van de Rabobank. Hoe zit dat? Negen vragen aan onderzoeker Bert Sikken van de Rabobank en Rob Bitterlich van het Regionaal Platform Abeidsmarktbeleid Rijnmond.
1. Hoe valt het te verklaren dat Rotterdam en Rijnmond als een komeet omhoog zijn geschoten en Amsterdam achter zich hebben gelaten?
Sikken: „Rotterdam is niet als een komeet omhoog geschoten, maar heeft stap voor stap verbeteringen doorgevoerd. Het voert te ver te stellen dat Rotterdam nu Amsterdam achter zich heeft gelaten. De hogere Rotterdamse groeicijfers kunnen tijdelijk van aard zijn. Het is een momentopname. De afgelopen jaren is Amsterdam juist wat achtergebleven, vanwege de kwakkelende ontwikkelingen in de zakelijke dienstverlening. Terwijl Rotterdam juist profiteerde van haveneconomie en wereldhandel.''
2. Hoe stonden Rotterdam en Rijnmond er tien jaar geleden voor ten opzichte van Amsterdam?
Sikken: „ Amsterdam was destijds economisch booming, zoals de hele noordvleugel van de Randstad. Rotterdam en Den Haag bleven structureel in groei achter. Ook het negatieve imago van Rotterdam speelde de stad parten. Amsterdam en Utrecht ontwikkelden zich in de zakelijke dienstverlening, een groeisector. Rotterdam heeft inmiddels de inhaalslag gemaakt.''
3. Waarom groeit Rijnmond als regio harder dan Rotterdam?
Sikken: „In de regio is meer ruimte voor uitbreiding, dus groeit de bedrijvigheid daar sneller. Ook verruilen veel mensen met hogere inkomens de stad voor de regio. De welvaartsgroei slaat voor een deel neer in de randgemeenten. Daar worden, ondanks de nieuwe appartementen in hartje Rotterdam, de meeste nieuwe woningen gebouwd, groeit de bevolking sneller en dus ook de koopkracht.''
4. Is de stad in staat de regio in te halen?
Sikken: „Nee, dat niet. Rotterdam zal niet aantrekkelijk genoeg kunnen worden voor koopkrachtige huishoudens en de vraag is of die zich ook op Rotterdam zullen richten.''
5. Blijven Rotterdam en Rijnmond tot in de lengte der jaren koploper in de race met Amsterdam?
Sikken: „Nee. Wel plukt de Maasstad de vruchten van een vrijere en experimentelere ondernemersgeest op het gebied van alleen al wijkeconomie, horeca, cultuur, evenementen en toerisme. Hier lijkt meer te kunnen dan in Amsterdam. Dat imago bouwt de stad nu in elk geval op en dat kan economisch gezien positief uitwerken. Ook al zitten er natuurlijk ook nadelige neveneffecten aan, zoals de overlast die grote evenementen veroorzaken voor de binnenstadbewoners. Een ander punt is de positie van de haven in de wereld en Europa. Nu profiteert de haven al jaren van de sterke economische ontwikkeling in China en de groei van de wereldhandel. Zolang Rotterdam van die wereldhandel kan profiteren zijn de perspectieven voor de haven ronduit gunstig.''
6. Wat zijn de bedreigingen voor Rotterdam en Rijnmond?
Sikken: „Bereikbaarheid een belangrijk aandachtspunt. De Betuwelijn lost de bereikbaarheidsproblemen voor haven en stad natuurlijk niet op. En verder is de scheve verhouding tussen aanbod en vraag op de arbeidsmarkt bedreigend. Rotterdam kan niet de mensen leveren die het bedrijfslevenwil.''
7. Hoe komt het dat het werkeloosheid in Rotterdam nauwelijks meer afneemt?
Bitterlich: „Ten opzichte van de regio zitten in Rotterdam in de kaartenbakken van het CWI relatief veel laaggeschoolden en mensen die niet zwaar gemotiveerd zijn voor de arbeidsmarkt en vaak al langer werkloos zijn. Van de 36.749 (stand oktober 2007) werkzoekenden in Rotterdam zijn er maar 8210 korter dan een jaar werkloos. Door de steeds hogere kwaliteitseisen die worden gesteld, vraagt het bedrijfsleven vooral goedgeschoolde en hogeropgeleide medewerkers. Omdat die mensen eerder in de regio wonen dan in de stad, daalt de werkloosheid daar sneller dan in Rotterdam. Ten opzichte van de andere drie grote steden heeft Rotterdam ook de meeste forensen die hun geld in Rotterdam verdienen, maar hier niet uitgeven.''
8. Hoe kun je meer Rotterdammers laten profiteren van het vele geld dat hier wordt verdiend?
Bitterlich: „Door ervoor te zorgen dat Rotterdam een aantrekkelijker woonstad wordt voor hogeropgeleiden die ook na hun studie in de stad blijven wonen en niet bij het eerste kind naar de randgemeenten vluchten. Als er meer hogeropgeleiden in de stad blijven, geven ze meer geld uit in de stad. Dan gaan ze hier vaker uit eten, laten ze hier vaker hun kleren stomen, schakelen ze vaker een werkster in, waardoor ook meer lageropgeleiden hieraan kunnen verdienen. Nu is Rotterdam vooral een stad waar veel mensen werken, maar niet wonen. Amsterdam daarentegen is een aantrekkelijke woonstad voor veel hogeropgeleiden en dus wordt daar ook meer geld uitgegeven en brengt dit ook meer lager geschoold werk in de dienstverlening met zich mee.''
9. Zal Rotterdam eens een stad zonder werklozen worden?
Bitterlich: „Nee daarvoor zijn er toch te veel langdurig werklozen en bijstandsgerechtigden die moeilijk aan een baan te helpen zijn. De werkloosheid in Rotterdam is nu 13,6 procent van de beroepsbevolking tegenover 9,6 voor Amsterdam, 8,5 voor Den Haag en 6,5 voor Utrecht. De achterstand van Rotterdam is de afgelopen jaren wel kleiner geworden, maar zal nooit helemaal worden weggewerkt. Daarvoor zou een groot deel van de Rotterdamse bevolking beter moeten worden geschoold. Als het lukt het werkloosheidspercentage in Rotterdam in de buurt te krijgen van dat van Amsterdam (vier procent lager) dan is Rotterdam spekkoper, maar een daling van nog eens twee procent is realistischer.''
AD/Groene Hart
Ik vind het altijd jammer als er weer oude huizen en volkswijken worden gesloopt en worden vernvangen door dure appartementen, maar het is dus wel nodig zo blijkt.