Skyscraper City Forum banner
1 - 14 of 14 Posts

·
Registered
Joined
·
12,534 Posts
Discussion Starter · #1 · (Edited)
We hadden nog geen draad over de stedenbouwkundige regelgeving, nochtans de basis van de stedenbouw. Het bepaalt de mogelijkheden van overheden (gemeentes, provincie en gewest) om vergunningsaanvragen te weigeren en bij te sturen. Er is de laatste jaren een tendens naar versoepeling in de zin dat meer zaken vrijgesteld zijn van vergunningsplicht. Het gevolg is dan ook dat er geen appreciatietoets kan gemaakt worden en projecten niet tegengehouden kunnen worden.

Vorige week is de zgn. Codextrein goedgekeurd. Een reeks wijzigingen aan de bijbel van de Ruimtelijke ordening in Vlaanderen: nl. de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening. De Codextrein is zonder twijfel de meest ingrijpende hervorming van de regelgeving dit decennium. Zoals je van de huidige eerder liberaal ingestelde regering kan verwachten is vooral ingezet op versoepeling.

Belangrijkste wijzigingen (wat betreft vergunningen):

■ Een administratief beroep tegen een verleende vergunning zal in de toekomst enkel nog mogelijk zijn wanneer reeds tijdens het openbaar onderzoek gemotiveerd bezwaar werd ingediend. Indien je geen bezwaar maakt tijdens het georganiseerde openbaar onderzoek verspeel je je rechten om beroep in te stellen.

■ Er komt een verruiming van de mogelijkheden om het ruimtelijk rendement te optimaliseren. Verkavelingsvoorschriften ouder dan 15 jaar zullen bijvoorbeeld geen weigeringsgrond meer inhouden.

■ Een gelijkaardige regel geldt voor voorschriften van bijzondere plannen van aanleg (BPA's): in bepaalde gevallen zal de bevoegde overheid kunnen afwijken van stedenbouwkundige voorschriften van BPA’s ouder dan vijftien jaar.

■ Het splitsen van een ingedeelde inrichting of activiteit (gedeeltelijke overdracht) wordt in bepaalde gevallen vergunningsplichtig daar waar vroeger een melding volstond.

■ Indien een vergunninghouder de vergunde werken niet tijdig (dit is binnen 2 jaar) heeft kunnen starten, is een verlenging van de vervaltermijn mogelijk in geval van overmacht. Een vergunning vervalt voortaan 5 na het verlenen van de vergunning (nu is dat 2 jaar na het aanvangen van de werken).

■ Er is in een uitbreiding voorzien van de mogelijkheden in ontginningsgebieden. Hierdoor wordt het mogelijk om naast de ontginning van de primaire grondstoffen ook over te gaan tot mechanische bewerking van de ontgonnen delfstoffen of de verrijking van de ontgonnen delfstoffen door menging met afbraakstoffen.

■ Het as-builtattest wordt ingevoerd (opgesteld door de architect), met het concept "metsershaar" als tolerantiemarge. Dit zijn louter technische afwijkingen die bij de uitvoering van elk bouwproject voorkomen. Het as-builtattest is de optelsom van (i) de stedenbouwkundige vergunning, (ii) de decretale tolerantiemarges (metsershaar), (iii) de tijdens het bouwproces uitgevoerde niet-vergunningsplichtige handelingen, (iv) de tijdens het bouwproces uitgevoerde vrijgestelde handelingen, en (v) de tijdens het bouwproces uitgevoerde meldingsplichtige handelingen binnen in gebouwen. In tegenstelling tot de vorige versie van het as-builtattest zal het dus buiten de gemeente gebeuren. Daarmee vervalt ook het nut van het instrument een beetje. Het was bedoeld als 'carpass voor huizen' om kopers te garanderen dat de woning stedenbouwkundig in orde is. Maar als architecten zelf een as-builtattest kunnen opstellen garandeert niemand nog de juistheid van dat attest.

■ Het proces van de zogenaamde signaalgebieden wordt decretaal verankerd. Hierdoor kan de Vlaamse Regering bepaalde gebieden aanduiden als 'watergevoelig openruimtegebied', met als doel het waterbergend vermogen van dit gebied te vrijwaren. Daarbij zal ook worden aangegeven welke handelingen nog (in beperkte mate) zijn toegelaten. De gebieden in kwestie zijn nog niet gekend en moeten nog per decreet aangeduid worden. Er wordt voorzien in een compensatieregeling.

En nu komen de venijnige zaken:


■ De Codextrein versoepelt de interpretatie wat betreft overdruk 'landschappelijk waardevol' op het gewestplan met een agrarische bestemming. In principe gold nu ook dat in agrarisch gebied met als overdruk 'landschappelijk waardevol' gebied alle agrarische zone-eigen activiteiten (zoals stallen) mogelijk waren. Maar in de rechtspraak hield men een vrij strenge definitie aan waardoor veel projecten tegengehouden werden. Nu was het vaak zo dat de aanwezigheid van een groenscherm net als bewijs gezien werd dat het niet inpasbaar is in het landschap en dus in strijdt met de bepalingen rond 'landschappelijk waardevol'. De versoepeling zit hem in het feit dat het extra zinnetje benadrukt dat landschappelijk belastende constructies wel toegelaten zijn mits maatregelen zoals een groenscherm. Op die manier zullen langs de rechtelijke weg minder vergunningsaanvragen vernietigd worden.

■ Het aanbrengen van gevelisolatie aan de buitenzijde van een woning ≤ 26 cm wordt beschouwd als aanpassingswerken binnen het bestaande bouwvolume. Dit is gedaan omdat stedenbouwkundige voorschriften soms een hinderpaal vormen voor gevelisolatie langs de buitenzijde. Denk aan voorschriften waarbij het volume van woningen niet mag uitbreiden. Dat is vooral belangrijk in agrarisch gebied waar bijgebouwen niet mogen uitbreiden. Waar zit nu het venijn? Door de maatregel is gevelisolatie in de praktijk vrijgesteld van vergunningsplicht omdat elke handeling aan gevels die geen uitbreiding van het bouwvolume vormt niet vergunningsplichtig is.

Dit soort werken kunnen dan door niemand tegengehouden worden:


Die gevelbepleistering veegt alle details van de traditionele rijhuizen weg en zorgt op die manier niet alleen voor verschraling, doordat men meestal voor witte bepleistering kiest is het de grootste oorzaak van de 'vergrijzing' (architectuur in wit en zwart-tinten) van de binnenstad. Ook gebouwen die op de Inventaris staan kunnen op die manier aangetast worden. Er is geen middel meer om het tegen te houden. Enkel bij monumenten is het in principe nog tegen te houden. Maar ook daar geldt dat het niet meer moet aangevraagd worden en het maar door de gemeentes moet gezien worden. Bij een vergunningsaanvraag is er tenminste een automatische toetsing.

■ Het wordt mogelijk om in landbouwgebied één stal voor hobbydieren te vergunnen, dit evenwel slechts voor zover er geen bestaande stallingsmogelijkheden zijn. Tot nu toe is agrarisch gebied voorbehouden aan professionele activiteiten. Dat betekent boeren, maar ook professionele maneges. Hobbyhouders worden beschouwd als zone-vreemd. Alle heisa over de 'verpaarding' van Vlaanderen ten spijt maakt de Vlaamse overheid het nu mogelijk om binnen een straal van 50 m van een woning stallen te vergunnen met een maximum grootte van 200 m². Daarmee zou volgens de regering de open ruimte niet aangetast worden, maar gezien de hoeveelheid woningen in Vlaanderen zal hiermee een groot stuk van Vlaanderen vogelvrij zijn voor paardenstallen.
 

·
Registered
Joined
·
8,281 Posts
Over welk onderdeel hiervan zou je graag discussiëren?

Had je het zo gezegd, ik had geloofd dat dat de bestaande regels zijn.

Het enige potentieel positieve dat ik zie, is het deel over watergevoeligheid, maar dat is zodanig afgezwakt dat het waardeloos is.
 

·
Registered
Joined
·
3,241 Posts
Alle heisa over de 'verpaarding' van Vlaanderen ten spijt maakt de Vlaamse overheid het nu mogelijk om binnen een straal van 50 m van een woning stallen te vergunnen met een maximum grootte van 200 m². Daarmee zou volgens de regering de open ruimte niet aangetast worden, maar gezien de hoeveelheid woningen in Vlaanderen zal hiermee een groot stuk van Vlaanderen vogelvrij zijn voor paardenstallen.
Je hebt nog wel de trage wegen, alias kerkwegels, die moeten behouden blijven en waarvan de loop niet zomaar mag gewijzigd worden. :coffee:
 

·
Registered
Joined
·
12,534 Posts
Discussion Starter · #4 · (Edited)
^^Dat heeft niets met ruimtelijke ordening te maken. Dat is een burgerrechtelijke zaak en heeft te maken met eigendomsrechten en perceelsgrenzen. Grond van openbaar nut is niet onderhevig aan verkrijgende verjaring: maw buurtwegels, maar ook voormalige spoorwegen blijven eigendom van de desbetreffende overheid, ook als ze al decennia niet meer gebruikt worden.

Over welk onderdeel hiervan zou je graag discussiëren?

Had je het zo gezegd, ik had geloofd dat dat de bestaande regels zijn.

Het enige potentieel positieve dat ik zie, is het deel over watergevoeligheid, maar dat is zodanig afgezwakt dat het waardeloos is.
Ik trachtte gewoon een overzicht te geven van de recente regelwijzigingen in de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, dat toch de basis is van stedenbouw. Want voor een forum dat over stedenbouw gaat wordt hier opvallend weinig gediscussieerd over de regels zelf. Terwijl zoals gezegd de Codex Ruimtelijke Ordening de 'macht' van de overheid bepaald om projecten bij te sturen of tegen te houden.

Met het verzameldecreet van 2015 (dat in voege trad in januari 2016) en nu de Codextrein wordt een weg ingeslagen dat gemeenten compleet machteloos staan om nog regels op te leggen rond 'afwerkingsmateriaal' (dwz de eindafwerking van voorgevels zoals detaillering, kleurgebruik, materiaalgebruik, ... Maar dus ook behoud van bestaande gevels, zeker diegene die niet beschermd zijn.). Zelfs gemeentelijke verordeningen met regels rond straatbeeld en behoud van bepaalde typische architecturale elementen kunnen niet meer afgedwongen worden. Een voorbeeld is Knokke dat regels had dat in het Zoute alle huizen witte gevels moesten hebben met rode pannen. Die regels kunnen sinds januari 2016 niet meer afgedwongen worden. Tot nu toe konden gemeenten bepaalde zaken nog tegenhouden omdat gevelisolatie gezien werd als 'uitbreiding' van de woning en dus een vergunningsplichtige handeling. Maar met de goedgekeurde wijzing in de Codextrein valt dat dus ook weg. Dan blijft er niets meer over.
Enkel het wijzigen van de gevelopeningen in de voorgevel is nog vergunningsplichtig. Maar uiteraard heeft dat minder impact op het straatbeeld dan de eindafwerking. De eindafwerking zou dus ook terug vergunningsplichtig moeten worden.

Samen met de de mogelijkheid om paardenstallen te bouwen voor hobbymatig gebruik en de algemene afzwakking van het beschermingsniveau in landschappelijk waardevol agrarisch gebied kan je stellen dat deze regering niet goed bezig is wat betreft ruimtelijke ordening.

Het meest wraakroepende is natuurlijk dat de huidige meerderheidspartijen doen alsof ze de principes van het Beleidsplan Vlaanderen en de 'betonstop' volgen. Maar wie kan dat uit de gewijzigde regels afleiden? Het is weer een typisch voorbeeld van mooie principes en vervolgens het tegenovergestelde doen. Het is duidelijk dat het vooral een politiek compromis is om de lobbyisten tevreden te houden. De boeren zijn tevreden omdat ze meer mogelijkheden hebben om megastallen te bouwen: http://www.vilt.be/boerenbond-verwelkomt-rechtszekerheid-door-codextrein. De paardenhouders zijn blij omdat ze nu meer mogelijkheden hebben om stallen te bouwen: http://www.cbc-bcp.be/groen-licht-voor-paardenstallen-in-agrarisch-gebied/. De bouwsector is tevreden omdat door de versoepeling van de stedenbouwkundige voorschriften (15 jaar oude verkavelingen en BPA's) meer mogelijk is. Dat laatste is bedoeld om het 'ruimtelijk rendement' te verhogen, maar zal vooral gebruikt worden om meer verrommeling toe te laten. De grootste verliezer is dus de stedenbouw. Die is niet in overweging genomen.
 

·
Registered
Joined
·
1,780 Posts
Artikel uit De Standaard:

Wat is de waarde van waardevol landschap nog?

Guy Vloebergh en Tom Coppens zijn niet onder de indruk van de plannen van de Vlaamse regering om de open ruimte te redden. Ze creëerde tegelijk zoveel uitzonderingsregels, dat de open ruimte nog meer bedreigd is.

Groot was de commotie toen de Vlaamse Bouwmeester in het programma De markt Batibouw een knutselbeurs voor zelfbouwers noemde. Hij bedoelde daarmee dat de individuele villabouw in Vlaanderen zijn limieten heeft bereikt als we nog enige open ruimte willen bewaren. Dat we spaarzamer met onze open ruimte moeten omgaan, is ook de centrale visie van het witboek Beleidsplan Ruimte Vlaanderen (BRV), waarvan de betonstop bij velen is blijven hangen. Maar wat aangekondigd werd in de nogal wollige beleidsplannen, staat haaks op wat de Vlaamse regering op het terrein heeft beslist. Met de goedkeuring van de codextrein (december 2017) creëerde ze nieuwe afwijkings- en uitzonderingsregels waardoor onze open ruimte nog meer en sneller kan worden verknoeid.

Woongebieden zijn vogelvrij

De stedenbouwkundige plannen van aanleg bepalen in Vlaanderen waar en hoe er mag worden gebouwd. Sommige plannen, zoals de bijzondere plannen van aanleg (BPA), leggen zelfs heel gedetailleerd vast wat kan en wat niet kan. Zo is het in sommige wijken niet toegestaan om een grote woning op te delen of om hoger en dieper te bouwen. De Vlaamse regering vindt dat sommige van die bestaande plannen in strijd zijn met de doelstellingen van het witboek BRV om steeds kleiner en dichter te gaan wonen. Daarom werd in de codextrein ingevoerd dat plannen die ouder zijn dan 15 jaar niet meer gevolgd hoeven te worden.

Maar met die regeling dreigt het beleid zijn doel voorbij te schieten. Ze laat toe om ook op slecht gelegen locaties te verdichten en de open ruimte nog verder aan te snijden. De nieuwe regeling is koren op de molen van vastgoedontwikkelaars. Hoewel de verappartementisering meestal beperkt bleef tot de dorpskernen, is nu elk woongebied in principe vogelvrij verklaard. Ook als dat ruimtelijk niet gepast is, zoals in landelijke gebieden. Het is niet omdat een plan ouder is dan 15 jaar dat het slecht is.

Tuincentra die in het verleden netjes de regels hebben gevolgd, komen nu bedrogen uit

Omdat de Raad van State en de Raad voor Vergunningsbetwistingen veelvuldig (en terecht) bouwvergunningen vernietigden in landschappelijk waardevolle gebieden, is ook hier verandering in gebracht. Een wijziging van het decreet stelt uitdrukkelijk dat ontwikkelingen in landschappelijk waardevolle gebieden (meestal landbouwgebieden) wel degelijk vergunbaar zijn, op voorwaarde dat ze landschappelijk inpasbaar zijn in het gebied. Weer wordt de planning uitgehold en zullen in veel waardevolle en onbebouwde gebieden gebouwen verschijnen die zogezegd landschappelijk inpasbaar zijn. In plaats van voor een planmatige aanpak te kiezen, laat de regering onze open ruimte over aan een ad-hocoordeel van de lokale vergunningverlener of, in beroep, van de deputatie.

Terwijl in het witboek BRV bladzijden gevuld zijn met uitleg over het belang van onze open ruimte en in het bijzonder van het nog resterende landbouwgebied, heeft de codextrein een nieuw uitzonderings*instrument gecreëerd, het ‘planologisch attest’. Dat is inzetbaar voor de regularisatie en uitbreiding van commerciële tuincentra in landbouwgebieden. In plaats van niet vergunde en verouderde tuinbouwcomplexen en serres af te breken en de ruimte terug te geven aan de landbouw, heeft de regering het mogelijk gemaakt om kleinhandelsactiviteiten aan te trekken. Daardoor ontstaat concurrentievervalsing. Tuincentra die in het verleden netjes de regels hebben gevolgd en zich hebben gevestigd in daartoe voorziene zones, komen nu bedrogen uit.

Willekeur en dienstbetoon

De wijzigingen in de codextrein zijn de zoveelste uitzonderingsmaatregelen. Zo bouwen ze voort op een evolutie die al jaren aan de gang is: stedenbouwkundige plannen worden uitgehold. Dit geeft de gemeenten steeds meer de mogelijkheid om vergunning per vergunning te oordelen wat ze toelaten. Maar een vergunningenbeleid zonder een helder kader zet de deur open voor kortetermijnpolitiek, willekeur en dienstbetoon.

Je zou verwachten dat als er steeds meer nadruk komt te liggen op gemeentelijke autonomie en het vergunningenbeleid, de gemeenten ook fors moeten investeren in lokale expertise. Maar het tegendeel is waar, omdat de minister besliste dat stedenbouwkundige ambtenaren in gemeenten niet langer een diploma in stedenbouw en planning moeten hebben. Afschaffing van de stedenbouwkundige plannen en regels, meer ruimte voor ad-hocbeleid, een verzwakking van stedenbouwkundige diensten: je moet al van erg goede wil zijn om daarin een gedegen openruimtebeleid te vinden.Als de Vlaamse regering goede principes wil promoten, zoals verdichten bij knooppunten en de nog resterende open ruimte beschermen, moet ze ook daden stellen die in lijn liggen met die doelstellingen. Maak verdichten alleen mogelijk op de juiste locaties en schrap slecht gelegen woonvoorraden. Bescherm het landbouwgebied voor de professionele landbouw en schrap alle afwijkingsregels. En vooral: zorg voor de nodige expertise op gemeentelijk vlak.​
 

·
Registered
Joined
·
12,534 Posts
Discussion Starter · #6 ·
Zeer pertinent artikel dat een beetje de punten opsomt die ik hier ook al aanhaalde. De Codextrein is inderdaad een draak. Het blijft een kunst dat de huidige meerderheid er in slaagt de uitholling van de regels nog steeds als conform de principes van het Witboek te zien. Anderzijds kon iedereen wel vermoeden dat de zeer vage doelstellingen geformuleerd in het witboek elke interpretatie mogelijk maken.
 

·
Registered
Joined
·
1,780 Posts
Een nieuw, wat bijtender artikel over de codextrein en de toekomst van onze ruimtelijke ordening

http://m.knack.be/nieuws/belgie/verder-verloop-betonstop-het-lijkt-wel-alsof-de-bebouwde-oppervlakte-heilig-is-verklaard/article-opinion-974969.html

'Verder verloop betonstop? Het lijkt wel alsof de bebouwde oppervlakte heilig is verklaard'

Hendrik Schoukens

09/03/18 om 20:32 - Bijgewerkt op 10/03/18 om 16:48

'Wetten zijn als worsten. Je weet beter niet hoe ze gemaakt worden.' Ook in ons volgebouwde stuk 'land aan het Noordzeestrand' blijven Otto Von Bismarck's woorden verrassend actueel. Al zeker wanneer het gaat over de totstandkoming van de Vlaamse decreten inzake de ruimtelijke ordening, schrijft Hendrik Schoukens.

Neem nu de recente 'Codex-trein', die eind 2017 doorheen het Vlaams Parlement raasde. Met die trein moet die vermaledijde betonstop eindelijk realiteit worden. Maar die trein lijkt de verkeerde wissel te hebben genomen. Want hij dendert nietsvermoedend richting een Vlaams landschap waarin de planlogica en EU Milieurichtlijnen opnieuw vlot aan de kant worden geschoven. Met alle gevolgen van dien voor de weinig overgebleven open ruimte die ons nog rest.

Betonstop als neologisme

Het kan verkeren. Tot enkele jaren terug deed het woord 'betonstop' enkel bij doorwinterde open ruimte-liefhebbers een belletje rinkelen. Ondertussen is het concept in sneltreinvaart deel gaan uitmaken van onze dagelijkse woordenschat. Met maar liefst 6 hectare aan dagelijks open ruimte-verlies staat het verkavelde Vlaanderen aan de kop binnen Europa. Onze Vlaamse Regering kwam in december 2016 eensgezind tot het besluit dat het zo niet verder kon. De betonstop schopte het tot één van de steunpilaren van het Witboek Beleidsplan Ruimte Vlaanderen.

Maar de soep wordt niet zo heet gegeten als ze wordt opgediend. Men heeft een gefaseerde aanpak voor ogen: tegen 2025 wil men de ruimte-inname laten dalen tot 3 hectare per dag. De echte betonstop - een open ruimte-inname van 0 hectare per dag - zal pas in 2040 worden bereikt.

Verder verloop betonstop? Het lijkt wel alsof de bebouwde oppervlakte heilig is verklaard

Nu goed, Rome wasn't built in a day. En de Vlaamse verkavelingsdrang kan je ook niet op een-twee-drie laten verdwijnen, zo leek het niet onredelijke uitgangspunt. Op het eerste zicht lijkt die gefaseerde betonstop goed geholpen door de Codex-trein, die eind 2017 door het Vlaamse Parlement werd goedgekeurd. In het decreet lezen we interessante ideeën over ruimtelijk rendement en ruimtelijke beleidsplannen. Maar schijn bedriegt. Bismarck's quote loert nadrukkelijk om de hoek wanneer we dieper in die Codex-trein, een mastodont-decreet met maar liefst 200 artikelen, beginnen te grasduinen.

Een nieuw rondje dure planning?

Eerste halte vormen de zogenaamde ruimtelijke beleidsplannen. Volgens de Vlaamse decreetgever het logische vervolgstuk op de structuurplannen. U kent die dure plannen wel. Ze staan bol van mooie principes maar liggen in menig gemeentehuis stof te vergaren. Een kronkel in de wetgeving maakt immers dat deze plannen door een bestuur niet als weigeringsgrond voor een vergunningsaanvraag konden worden gebruikt.

Het hemelsbreed verschil tussen woord en daad, zo kenmerkend voor het Vlaams ruimtelijk beleid, vindt daar zijn oorsprong.

Het is positief dat de nieuwe ruimtelijke beleidsplannen een meer flexibele aanpak mogelijk maken, die zowel een lange termijn-visie als operationele beleidskaders kan omvatten. Het is eveneens positief dat men niet langer uitsluit dat die beleidsplannen kunnen doorwerken naar het concrete vergunningenbeleid. Maar het blijft opmerkelijk hoe weinig inhoudelijke sturing aan de gemeenten en provincies wordt gegeven voor de verdere invulling van die beleidsplannen.

Men zou minstens verwachten dat inspraak en milieueffectenrapportage de kernpijlers vormen van dit nieuwe instrument. Science-based policy making, zoals men dat zo mooi placht te noemen. Maar niet zo binnen de Codex-trein. Het decreet blaast warm en koud tegelijk. Dit terwijl het toch common sense zou moeten zijn om zo'n beleidskaders, die bijvoorbeeld uitspraken doen over nog te ontwikkelen bedrijvenzones en lange termijn-visies, te steunen op een gedegen, objectief opgesteld milieueffectenrapport, waarin ook alternatieven zijn bekeken. Of laat men de burger liever in de kou over de concrete effecten van zo'n plannen op de Vlaamse milieudoelstellingen? Men begeeft zich - niet voor het eerst - in een juridisch mijnenveld. De EU Milieurichtlijnen zouden hier wel eens roet in het eten kunnen gooien.

'Appartementisering' zonder visie?

Bij de regels inzake ruimtelijk rendement blijkt bovendien dat Vlaanderen een meer planmatige aanpak van de betonstop au fond niet genegen is. De bestaande plannen van aanleg bevatten vaak nog een rist bestemmingsvoorschriften die te weinig ruimte laten voor nieuwe ideeën als kernverdichting en bouwen in de hoogte. Nochtans zijn het net die principes die de betonstop dichterbij moeten brengen. Om die reden staat de Codex-trein toe om af te wijken van bepaalde plan- en vergunningsvoorschriften die meer dan 15 jaar oud zijn. Een redeneertrant die niet onlogisch lijkt.

Zoals eerder al gesteld door Guy Vloebergh en Tom Coppens in De Standaard van 3 maart 2018, kan deze regeling echter meer kwaad dan goed doen. Want ondanks de beperkte waarborgen die worden voorzien, spreekt er geen duidelijke ruimtelijke visie uit. Men geeft de mogelijkheid om op ad hoc-basis af te wijken van bestaande bouwvoorschriften, een gekend 'recipe for disaster' binnen de Vlaamse stedenbouwwetgeving. De gevolgen ervan kan u op vandaag in heel Vlaanderen zien.

In heel wat dorpen grijpt de verwoede 'appartementisering' - nog zo'n nieuw woord - overigens wild om zich heen. Men snakt er net naar een meer planmatige, gedragen aanpak van de kernverdichting. Een benadering die wordt afgetoetst aan de lokale draagkracht. Op heden leeft immers vaak het gevoel dat het de projectontwikkelaars zijn die de lead nemen. De nieuwe regeling lijkt die vrees te bevestigen en zal, paradoxaal genoeg, net tot meer weerstand en contestatie leiden.

Bye bye, resterende waardevolle landschappen?

Maar de hoofdvogel inzake ruimtelijk non-beleid wordt ongetwijfeld afgeschoten door de aanpak van de landschappelijk waardevolle gebieden. Want - knippert u alvast even met de ogen - de Vlaamse parlementsleden van de meerderheid vinden het ongehoord dat de rechters in het verleden erg strikt toekeken op projecten die de landschappelijke waarde van deze landbouwgebieden in het gedrang brachten. In bepaalde gevallen gebeurde het zelfs dat de Raad van State of de Raad voor Vergunningsbetwistingen enkele vergunningen voor landschapsverstorende constructies, zoals loodsen en serres, vernietigden. Wereldvreemde rechters, toch?

Om die strikte toetsing te omzeilen, herschreef men de voorschriften in het decreet. Handig, want zo diende men niet voor elk gebied een apart plan- en inspraakproces te doorlopen, wat tot bijkomende vertragingen had kunnen leiden. 300.000 hectaren landschappelijk waardevol gebied worden met één decretale pennentrek vogelvrij verklaard. In Vlaanderen kan het! Zelfs zonder onderzoek van de milieueffecten van zo'n pennentrek.

Herontwikkeling binnen bestaande constructies was nochtans één van de expliciete uitgangspunten van het Witboek Beleidsplan Ruimte Vlaanderen. Maar dit geldt blijkbaar niet bij landbouwbedrijven, waarvan er nochtans heel wat leeg staan. Voor de moeilijke verstaander: verwacht u maar aan heel wat nieuwe betonnen loodsen en stallen in landschappelijk waardevolle gebieden. Mits een groenscherm zullen zo'n gebouwen allicht makkelijker vergunbaar zijn. Het betreft overigens géén alleenstaand geval. Ook de vele zonevreemde commerciële tuincentra die ons land rijk is, kunnen in de toekomst verder uitbreiden. En het plaatsen van hobbystallen wordt ook vergemakkelijkt, waardoor het landbouwgebied weer een beetje minder landbouwgebied wordt. Leve de verdere verpaarding van ons landschap.

De burger als lastpost?

Gelukkig is daar nog die wakkere burger, zou je haast denken. Die kan immers, waar nodig, het bedenkelijke ad hoc-beleid een halt toe roepen bij de rechter. Maar ook dat is buiten de Codex-trein gerekend. Want die stelt nu dat wanneer burgers hebben nagelaten om een bezwaar in te dienen tegen een vergunningsaanvraag tijdens de inspraakprocedure, zij ook niet langer naar de rechter kunnen stappen. Want, zo luidt de redenering, ook de burger heeft zo z'n plichten. Nu bestaat er dus ook een inspraakplicht. Alsof vele burgers nu doelbewust een openbaar onderzoek 'skippen' om bij de rechter plots het grote geschut boven te halen. De burger wordt hier niet als partner benadert maar als lastpost. En lastposten die leggen we liefst op alle mogelijke manieren het zwijgen op, zo leek de redenering. Jammer voor burgers die minder thuis zijn in de stedenbouwwetgeving.

A la tête du client?

Maar zelfs wanneer die burger uiteindelijk tot bij de rechter geraakt, kan hij of zij niet op beide oren slapen. Want de Codex-trein stelt dat bestaande bedrijven, wiens vergunning wordt geschorst door een administratieve rechter, niet meteen de deuren moeten sluiten. Dit zou pas het geval zijn wanneer diezelfde rechter voor een tweede maal (!) tot dit besluit komt. Het betreft hier een variant op de zogenaamde 'Lazarus'-theorie, die inhoudt dat wanneer een rechter een vergunning die in beroep is verleend, vernietigt, bijvoorbeeld omdat zij strijdt met de ruimtelijke bestemming, de vergunning verleend in eerste aanleg kan herleven.

Kafka voor gevorderden. Pittig detail. De Vlaamse minister Joke Schauvliege is de voorbije jaren herhaaldelijk op de vingers getikt voor haar lakse benadering van bedrijven die blijven exploiteren ondanks een eerder geschorste vergunning. In bepaalde van die zaken werd een vergunning maar liefst vier maal (!) door de Raad van State geschorst vooraleer de minister handhavend wou optreden. Seeing is believing!

Bismarck zou zich in zijn graf omdraaien wanneer hij zou merken dat er ter elfder uren overigens nog een amendement in de Codex-trein is geslopen die binnen ontginningsgebieden ook de deur open zet voor het verwerken van bouw- en sloopafval. Het amendement lijkt op maat te zijn geschreven van een bedrijf wiens eerdere vergunningen net op dit specifieke punt zijn gesneuveld bij de Raad van State. Ruimtelijke planning in functie van individuele dossiers, il faut le faire.

Betonstop via de rechtbank?

De decreetgever geeft inzake betonstop dus vooralsnog niet thuis. Van een uitdoofbeleid voor bepaalde, beleidsmatige ongewenste vormen van lintbebouwing en zonevreemd gebruik, valt weinig terug te vinden. Het lijkt wel alsof de bebouwde oppervlakte heilig is verklaard. Maar vergt de realisatie van de betonstop ook niet dat in bepaalde gevallen bijkomende open ruimte wordt gecreëerd en dus bepaalde constructies op termijn worden afgebroken?

Er komt gelukkig nog een tweede decreet aan, het zogenaamde 'Instrumentendecreet'. En dat decreet zal voorzien in nieuwe instrumenten, zoals de verhandelbare ontwikkelingsrechten, die volgens sommigen ervoor zullen zorgen dat de betonstop zichzelf zal financieren. Maar de verderzetting van het ad hoc-beleid zal ook het verlenen van die bouwrechten bemoeilijken. Want kan iemand nog nagaan wat nu juist de wettelijke baseline is in een bepaald gebied wanneer er een wetgevend kader bestaat dat gekenmerkt wordt door uitzonderingsbepalingen?

Het mag duidelijk zijn: als de betonstop ooit realiteit wordt, zal dat in de eerste plaats de resultante zijn van de acties van kritische burgers, milieuverenigingen en actiecomités.

Gerechtelijke acties tegen de Codex-trein zijn niet bij voorbaat kansloos. De systematische omzeiling van de planlogica staat haaks op de rechtspraak van het Europese Hof van Justitie met betrekking tot milieueffectrapportage voor plannen. Zomaar via decreet waardevolle gebieden open stellen voor bijkomende bebouwing of andere activiteiten lijkt niet mogelijk zonder voorafgaand plan-MER, hetgeen men hier heeft nagelaten. De inperking van de beroepsrechten voor burgers valt moeilijk te verenigen met enkele internationale milieuafspraken. En ook de afzwakking van de rechtsbescherming is op juridisch drijfzand gegrondvest.

Het mag duidelijk zijn: als de betonstop ooit realiteit wordt, zal dat in de eerste plaats de resultante zijn van de acties van kritische burgers, milieuverenigingen en actiecomités.

Het doet wat denken aan de visie van Albert Camus. In zijn bekende werk Homme revolté stelde die dat 'in zijn opstand (...) de mens op zijn beurt een grens (stelt) aan de geschiedenis. Bij die grens ontstaat de belofte van een waarde'. Die waarde is in Vlaanderen de belofte van betere ruimtelijke ordening en meer open ruimte. Nu meer dan ooit.​
 

·
Registered
Joined
·
12,534 Posts
Discussion Starter · #8 · (Edited)
Soms denk ik wel eens dat we het beter opgeven de open ruimte te beschermen, die wordt toch langs alle kanten aangevallen, zelfs door de zgn. groene jongens die het vol willen plaatsen met windmolens. De burger kan het duidelijk niet bommen, getuige de partijen waarop die stemt en het heilige eigendomsrecht. Het blijft daarom telkens vechten tegen de bierkaai. Het open landschap is toch op de meeste plaatsen verstopt achter lange linten. Voor wie doe je het dan nog? Het is sowieso niet meer recht te trekken, daarvoor zijn we 30 jaar te laat.

Zou het daarom niet zinniger zijn Vlaanderen uit te roepen tot een stadsregio waar op termijn 20 miljoen mensen kunnen wonen? Qua schaal is het toch vergelijkbaar met stadsregio's zoals Londen, Parijs, het Ruhrgebied. Trouwens, in de genoemde stedelijke regio's heb je vaak nog het gevoel dat er meer open ruimte aanwezig is doordat de weinige aanwezige open ruimte beter zichtbaar en beschermd is door een betere ruimtelijke politiek (geclusterd bouwen ipv verlinting). Hier bevind je je bv midden in het Ruhrgebied. De bouwlinten verdikken in Vlaanderen zou nauwelijks de open ruimte aantasten omdat die toch onzichtbaar is vanaf de openbare weg. Of een bouwlint nu 50 of 200 m dik is geeft hetzelfde ruimtelijke en visuele resultaat, maar met een bouwlint van 200 m dikte kan je wel meer mensen kwijt en kan OV (dat steeds geconcentreerd is op assen) beter georganiseerd worden. Je krijgt dan eigenlijk een beetje de visie van De Lijnstad van Renaat Braem. Enkel bepaalde kleinere landschappelijk waardevolle zones zouden dan nog beschermd moeten worden (en dan beter dan nu door het volledig bouwvrij verklaren van die gebieden), die fungeren dan als een soort parkgebieden en 'groene longen'.
 

·
Registered
Joined
·
2,611 Posts
^^ op zich zeker geen idioot idee, maar tussen droom en daad staan ook hier wetten in de weg, en praktische bezwaren ;)

- behoorlijke delen van Vlaanderen zijn Europees beschermde natuur. Om die 'ont-beschermd' te krijgen, ga je een flink eind mogen procederen. En let wel, die gebieden zijn geen eilanden die je 'op zich' kan beschermen: een verdichting (vlak) in de buurt ervan leidt onherroepelijk tot kwaliteitsverlies - door meer bezoekers, lawaaihinder, stikstofdepositie, veranderende watertafels,... om nog maar te zwijgen van de noodzaak tot het verbinden van die gebieden. Dat zie ik allemaal niet zomaar opgeheven worden voor er een écht Europees parlement is, met Europese partijen en een soort Amsterdam-Brussel-Parijs als Europees hoofdstad-conglomeraat.
- Moest dat hierboven al lukken, zit je nog met het mentaliteitsprobleem dat je al aanhaalde, en dat volgens mij even hard in de andere richting werkt: al die lintbewoners en 'dorpsbewoners' zijn als de dood voor het idee 'verdichting' (laat staan 'verstedelijking, wat eigenlijk is wat je wil). Ook daar wordt het dus even moeilijk om de kar richting een zinvolle verdichting en het 'opgeven' van bepaalde meer landelijke gebieden te draaien, dan in de andere richting (die van de betonstop).

Kortom: fijne denkoefening (die uiteraard véél gedetailleerder en doordachter kan), maar de keren dat ik hier (op café, zo gaat dat) al op doorgegaan ben, kwamen we er toch meestal weer op uit dat het wellicht toch nog eenvoudiger is om de betonstop (en zelfs een beperkte ontharding) toe uit te rollen...
 

·
Registered
Joined
·
678 Posts
Ondertussen viel me op dat er nieuwe gele affiches hangen met daarop de bouwvergunningsaanvraag voor de heraanleg van de (rest van de) Posthofbrug zelf. Iemand een idee waar je die kan inkijken? Behalve van negen tot twaalf, na afspraak, in een of andere kelder? (is het nu zo moeilijk van daar een duidelijke url op te voorzien?)
Naar aanleiding van deze post uit een andere thread wil ik het eventjes hebben over de omgevingsvergunning, meer bepaald over de openbaarheid van bestuur bij openbare onderzoeken.

In de oude procedure van de stedenbouwkundige vergunning was het niet verplicht om informatie online te zetten en bleef het meestal bij het ter inzage leggen van de nodige documenten in een of ander gemeentehuis. Gevolg was dus dat het eigenlijk een bijzonder weinig toegankelijke en ontransparante vorm van inspraak betrof. In de nieuwe procedure van de omgevingsvergunning komen er wel documenten online te staan op https://www.omgevingsloket.be/omvPubliek/?openbaaronderzoek , zij het wel nog steeds vrij beperkt. Je kan er dan bv. plannen op terugvinden. Maar om een of andere reden is er ook beslist om toch niet alles online te moeten plaatsen zodat je in heel wat gevallen toch nog zal moeten gaan inkijken in kelders of gemeentehuizen.

Daarom: ze hadden met het omgevingsdecreet volgens mij beter ineens verplicht om alles online te zetten, waarna de zaken die in de huidige regelgeving nog steeds niet online komen bv. enkel beschikbaar worden na inloggen met eID. Veel laagdrempeliger en dus transparanter dan wat nu voorligt (en nog veel meer dan in de oude regelgeving). Ook de "gele affiches" hadden ze echt wel eens mogen moderniseren en toegankelijker maken, door bv. te verplichten er al een render of plan op te zetten indien beschikbaar, alsook een link naar het omgevingsloket waar je dan verdere informatie kan vinden. Dat zou pas echt transparant bestuur opleveren.

Maar waarschijnlijk is er ergens de angst dat dit tot meer bezwaren zal leiden omdat er zo meer mensen op de hoogte zullen zijn en de procedure om bezwaar aan te tekenen zo ook voor de normale medemens toegankelijk wordt... Langs de andere kant worden nu door het gebrek aan toegankelijke documentatie ongetwijfeld heel wat bezwaren ingediend die achteraf gezien nutteloos blijken of op de foute aspecten inzoomen, omdat er niet gebouwd zou worden wat de misnoegde buurtbewoner zich inbeeldt bij de omschrijving van een volledig bouwproject in 2 regeltjes tekst.

Ik vind dus dat ze met hun nieuwe procedure echt wel een uitstekende kans hebben laten liggen. Oké, het is al heel wat beter met dat omgevingsloket en het deels online zetten van de plannen dan gewoon niets zoals voorheen, maar de hervorming had echt wel wat verder doorgedreven mogen worden.
 

·
Registered
Joined
·
12,534 Posts
Discussion Starter · #11 · (Edited)
Maar om een of andere reden is er ook beslist om toch niet alles online te moeten plaatsen zodat je in heel wat gevallen toch nog zal moeten gaan inkijken in kelders of gemeentehuizen.
Die reden is privacy en auteursrechten van de architect.

Uiteindelijk zal je in de nieuwe regelgeving sowieso meer bezwaarschriften hebben door het feit dat je tegen een beslissing van een omgevingsvergunningsaanvraag enkel beroep kan instellen als je tijdens het openbaar onderzoek een (ruimtelijk gemotiveerd) bezwaar ingediend hebt. Sowieso loont het naar het stadhuis te komen omdat ze je daar meer informatie kunnen geven over o.a. de bestemmingsvoorschriften. Zonder die informatie maakt een bezwaarschrift sowieso niet veel kans.

Ik vind wel dat je een punt hebt dat de informatie gerust iets uitgebreider kon zijn. De gevelaanzichten zijn essentiële documenten om het gevraagde te kunnen visualiseren. Met enkel het inplantingsplan weet je niet hoe hoog een gebouw zal zijn of wat voor dak er opkomt. Maar inplantingsplannen zijn het minst 'auteursrechtgevoelig' en dat zal wel de reden zijn waarom enkel het inplantingsplan online te vinden is.
 

·
Registered
Joined
·
12,534 Posts
Discussion Starter · #13 · (Edited)
Nog een potentiële ramp in wording: het instrumentendecreet. Het decreet is opgemaakt met als doel verhandelbare ontwikkelingsrechten in te voeren. Nu goed, hetgeen nu op tafel ligt is maar een doorslagje wat er beloofd werd en de verwachting is dat er nauwelijks gebruik van gemaakt zal worden wegens te complex. Maar het echte venijn zit hem in de wijziging van de planschade-regeling.

Nu geldt dat de overheid 80% van de geïndexeerde waarde moet vergoeden die de koper destijds voor een bepaald perceel gegeven heeft. Bovendien wordt het nu beperkt tot 50 m vanaf de as van een weg. Omdat de woongebieden die dieper gelegen zijn toch niet op particulier initiatief worden aangesneden (daarvoor is openbare wegenis nodig die enkel met goedkeuring van de gemeenteraad kan worden vergund).

De wijziging die nu voorligt voorziet een vergoeding van 100% van de huidige waarde en dit voor álle percelen die als woongebied staan ingekleurd, ook de gebieden die verder dan 50 m van een openbare weg gelegen zijn. De Vlaamse Regering benoemd het weer mooi: 'om het draagvlak voor herbestemming te vergroten'. In werkelijk worden veel bestemmingswijzigingen op die manier onbetaalbaar. Het gaat dan vooral om de binnengebieden met de huidige regelgeving nauwelijks planschade moest betaald worden (enkel de buitenranden die langs een weg liggen), dreigt een RUP nu miljoenen te kosten. De Vlaamse Regering beloofd dat het de gemeenten financieel hierin zal steunen. Maar enkel overstromingsgevoelige gebieden komen voor dit soort steun in aanmerking.

In de pers worden er een aantal voorbeelden aangedragen hoe deze wijziging het ruimtelijke beleid van gemeenten in de war stuurt. Een ervan is het in opmaak zijnde RUP Noordelijk Stadsbos in Sint-Niklaas. Daar zou een woongebied worden herbestemd naar bosgebied. Het gaat om dit gebied. Onder de huidige regeling zou dit 73.365 euro kosten. Met de nieuwe regeling maar liefst 26 miljoen. Ik hoef niet uit te leggen dat met dit bedrag dit soort RUP's onbetaalbaar worden en dus in een lade zullen belanden. Er loopt een petitie van de lokale Groen-afdeling: https://docs.google.com/forms/d/e/1FAIpQLSeJ47qLZIXu4-UDfcWKoBFT-jE4ti-2VcrJJLKmDg6jSimhfw/viewform

Het definitieve instrumentendecreet zou nog voor de paasvakantie goedgekeurd worden. Laat ons hopen dat het protest helpt en Schauvliege nog inbindt.
 
1 - 14 of 14 Posts
Top